
Met restanten van stenen afkomstig van bouwwerken of natuurstenen die uit de grond zijn gekomen kan een kunstburcht voor kleine marterachtigen, zoals wezel, hermelijn en bunzing, worden gemaakt. Toegegeven dat je deze dieren niet gauw in een tuin te zien krijgt maar dat kan snel veranderen wanneer je ze een rustige, ietwat teruggetrokken schuilplaats aanbiedt.
De bouwplek moet droog zijn en wordt vooraf wat losgemaakt en van vegetatie ontdaan. Op de vrijgemaakte plek wordt tot 20-30 cm diep een bodemlaag van zand, kiezel of fijn takkenmateriaal gelegd. Daarboven komt een bladerenlaag van 30-50 cm dik. Centraal op de hoop wordt met grote stenen een holle ruimte met een afmeting van minstens L 20 x B 15 x H5 (wezel), L 30 x B 20 x H10 (hermelijn) of L 40 x B 25 x H15 (bunzing) gemaakt. Voor de toegang wordt een opening van respectievelijk minstens 4, 6 en 9 cm opengehouden. Om de aandacht van een roofdier te trekken kan voor de opening een stukje pvc-buis (± 50 cm lang) met dezelfde diameter worden bevestigd, dat tussen drie bodemspieën wordt vastgeklemd. Er moet wel enige ruimte tussen de nestkastopening en de buisopening worden gelaten. Mocht de ingang tot de buis toevallig of opzettelijk afgesloten geraken, dan kan het dier nog altijd weg. Als nestkamer kan ook een omgekeerde houten bak worden gebruikt met een toegangsopening in de wand.
Daarna kan je met het stapelen van de stenen beginnen. Gebruik diverse soorten door elkaar maar zorg dat ze stabiel liggen. Grote stenen van meer dan 50 cm doorsnede stapelen het gemakkelijkst, maar wees creatief en gebruik wat je voorhanden hebt. Laat ook verschillende doorgangen van 4 tot 10 cm vrij en voorzie ook kleinere holten van 10 tot 20 cm groot en een hoogte van 5 tot 15 cm.
Je kan desgewenst het geheel verder afdekken met bladeren en takken.
Vergelijkbare toepassingen
- Marterhoop
- Stapelmuur – stenen
- Marterbuis
Meer weten